Zwangere vrouw met bevalangst staart droevig uit het raam

Vind jij je bevalling spannend? Dan ben je niet de enige. Een aanstaande bevalling roept bij iedereen verschillende emoties en verwachtingen op. Deze kunnen variëren van vreugde tot zorgen en angst. Je kan zelfs last hebben van echte bevalangst. De HEAR-studie onderzoekt hoe bevalangst ontstaat tijdens de zwangerschap en wanneer hulp kan worden ingezet.

Wat is bevalangst?

Het is helemaal niet gek dat je je aanstaande bevalling spannend vindt en je er misschien wat bang voor bent. Soms kan deze angst echter zo groot worden, dat je er elke dag mee bezig bent en het je dagelijks leven beïnvloedt. Dit noemen we bevalangst.

Bevalangst komt voor bij 7 tot 15% van de zwangere vrouwen. Als je bang bent voor je bevalling, ben je dus zeker niet de enige. Je kan er last van hebben als je nog nooit bevallen bent, maar ook als je al eerder een kindje hebt gekregen.

Bevalangst kan verschillende vormen hebben, zo kan je bang zijn voor pijn of de gezondheid van je baby en jezelf. Ook angst voor een knip (episiotomie), uitscheuren of een keizersnede komt voor. Veel vrouwen zijn bang om de controle over de situatie of over zichzelf te verliezen. Vaak is er sprake van een combinatie van meerdere angsten.

Symptomen bevalangst

Als je last hebt van bevalangst, merk je dat aan verschillende symptomen. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Piekeren
  • Concentratieproblemen
  • Paniekaanvallen
  • Slecht slapen
  • Nachtmerries

Daarnaast kan je meer last hebben van zwangerschapskwaaltjes dan vrouwen zonder bevalangst. Dit kan deels komen doordat je (te veel) gefocust bent op je lichaam. Je lijf maakt tijdens de zwangerschap veel veranderingen door. Bij bevalangst ben je eerder geneigd om deze als abnormaal of zorgelijk te zien.

Oorzaken van bevalangst

Er zijn verschillende factoren die aanleiding kunnen geven tot bevalangst.

  • Verhalen van anderen. Negatieve verhalen van vriendinnen of vanuit de media blijven vaak beter hangen dan positieve verhalen. Dit kan leiden tot een vertekend beeld van de bevalling.
  • Een eerder (seksueel) trauma. Gedachtes aan de bevalling kunnen emoties of herinneringen triggeren van eerdere traumatische ervaringen zoals (seksueel) misbruik en geweld.
  • Beperkte steun vanuit je omgeving. Als je minder steun ervaart vanuit je omgeving, kan dat bevalangst in de hand werken. Er zijn immers minder mensen die je gerust kunnen stellen.
  • Eerdere negatieve bevalervaring. Het kan zijn dat je al een vervelende bevalling hebt meegemaakt. Misschien heb je met spoed een keizersnede gehad of ervaarde je veel pijn. Dat kan traumatisch zijn geweest. Ook een gebrek aan communicatie of emotionele steun tijdens je bevalling kan zorgen voor een negatieve bevalervaring.
  • Aard van je persoonlijkheid. Ben jij over het algemeen een angstig persoon of heb je last van sombere gevoelens (depressieve klachten), dan kan dat een risicofactor zijn. Weinig zelfvertrouwen of moeilijk om kunnen gaan met stress kan ook een rol spelen.

Gevolgen van bevalangst

Bevalangst kan een grote impact hebben op je leven. Zo durven sommige vrouwen niet zwanger te worden, omdat ze de bevalling niet aandurven.

Tijdens je zwangerschap kan bevalangst ervoor zorgen dat je vaker de gynaecoloog of verloskundige bezoekt voor controles, omdat je bang bent dat er iets mis is. Deze controles stellen je even gerust, maar zorgen er niet voor dat de angst wegblijft. Andersom kan ook: uit angst voor slecht nieuws vermijd je controles juist.

Het vervelende van bevalangst is dat je moeilijk kan genieten van je zwangerschap, terwijl dit juist een mooie periode zou kunnen zijn. Door de zorgen slaap je waarschijnlijk (nog) slechter. Hierdoor voel je je overdag vermoeid en minder fit.

Door bevalangst wordt de bevalling zelf ook vaker als vervelend of traumatisch ervaren dan bij vrouwen die geen bevalangst hebben. Er is een grotere kans op een lange bevallingsduur, een keizersnede of andere medische handelingen zoals pijnstilling. Ook heb je een groter risico op een postnatale depressie en een posttraumatische stress-stoornis (PTSS).

Hulp bij bevalangst

Als je last hebt van bevalangst, kan je bij verschillende hulpverleners terecht voor hulp:

  • Je verloskundige of gynaecoloog. Het belangrijkste advies is misschien wel om je angst met hen te bespreken. Zij zien dit vaker en kunnen je helpen en voorlichten over specifieke angsten waar je mee zit. Als het nodig is, kunnen ze je ook verwijzen naar een psycholoog voor extra begeleiding.
  • EMDR therapie. Als je vorige bevalling erg traumatisch is geweest, kan je een PTSS hebben ontwikkeld. Hiervoor is gespecialiseerde hulp mogelijk in de vorm van EMDR-therapie. Dit is een bewezen effectieve behandeling voor het verwerken van een trauma zoals een bevallingstrauma. Je kan hiervoor terecht bij een psycholoog.

Tips voor als je bang voor de bevalling bent

Herken je jezelf in bovenstaande klachten? Dat is helemaal niet gek, maar wel vervelend. Gelukkig zijn er verschillende dingen die je kan doen om je angst voor de bevalling te beperken.

  • Doe een (zwangerschaps)cursus. Het volgen van een cursus kan je klachten verlichten. Probeer bijvoorbeeld (zwangerschaps)yoga, mindfulness, of ademhalingsoefeningen. Er is nog weinig wetenschappelijk onderzoek naar gedaan, maar educatieklasjes, ontspanningsoefeningen en haptotherapie lijken effectief te zijn voor bevalangst. Je leert er in ieder geval beter door ontspannen.
  • Een goede voorbereiding. Je weet niet wat je moet verwachten van een bevalling. Zoek daarom tijdens je zwangerschap betrouwbare informatie uit boeken of op websites over de bevalling zodat je op de hoogte bent. Hierdoor komt je verwachting en de werkelijkheid dichter bij elkaar te liggen. Bespreek ook je vragen met je verloskundige of gynaecoloog.
  • Maak een geboorteplan. Zet je wensen en verwachtingen op papier zodat je je bewust bent van wat je wel en niet wil tijdens je bevalling. Probeer hier niet te krampachtig aan vast te houden. Dan kan je juist angstig worden, wanneer ervan afgeweken wordt. Een bevalling loopt immers vaak niet helemaal zoals je het van tevoren verwacht. Bespreek daarom de haalbaarheid van je geboorteplan met je verloskundige. Zo kom je niet onverwachts voor verrassingen te staan.
  • Neem je rust. Vermijd stress en luister naar je lichaam. Zorg voor voldoende ontspanning, vooral de laatst weken van je zwangerschap.
  • Heb vertrouwen. Bescherm jezelf tegen negatieve of enge verhalen van anderen en maak je eigen keuzes. Tijdens de bevalling kan je je overgeven aan je lichaam, het is hiervoor gemaakt! Vertrouw op jezelf en de mensen om je heen.

De HEAR studie

Omdat bevalangst zo’n grote invloed op het leven kan hebben, is het belangrijk om hier meer aandacht aan te geven. De HEAR-studie onderzoekt daarom wanneer in de zwangerschap deze angst optreedt en of zwangere vrouwen hier graag extra hulp voor zouden willen.

Om hierachter te komen hebben de onderzoekers online vragenlijsten ontwikkeld, die je gemakkelijk op je smartphone of tablet kan invullen.

Door middel van het onderzoek willen de onderzoekers kijken of zorgverleners standaard zouden moeten screenen op bevalangst. En zo ja: wanneer in de zwangerschap dit dan zou moeten om zo veel mogelijk vrouwen te kunnen helpen.

Meedoen?

Voor deze studie worden zwangere vrouwen gezocht (elke zwangerschapsduur) die nog niet eerder langer dan 16 weken zwanger zijn geweest. Je kan deelnemen als je last hebt van bevalangst, maar ook als je dit niet hebt. Met jouw deelname draag je bij aan een toekomst waarin meer aandacht is voor emoties rondom de bevalling. Zo help je andere zwangere vrouwen die hiermee worstelen.

Wil je graag meedoen aan dit onderzoek, meld je aan via www.olvg.nl/hear. Hier vind je ook meer informatie over het onderzoek.

Yvette Hendrix, onderzoeker bij de HEAR studie

Dit artikel is geschreven in samenwerking met Yvette Hendrix. Yvette is afgestudeerd medisch psycholoog en arts en werkt mee als onderzoeker aan de HEAR-studie van het OLVG Oost Amsterdam. Daarnaast is ze werkzaam als basisarts op de afdeling gynaecologie & verloskunde van de Noord West ziekenhuisgroep te Alkmaar.