Zwangere vrouw ligt op bank en heeft last van incontinentie tijdens de zwangerschap

Als je zwanger bent, kan je af en toe wat druppels urine verliezen, bijvoorbeeld bij het hoesten, niezen of lachen. Veel vrouwen vinden dit gênant. Toch komt ongewild urineverlies vaak voor bij zwangere vrouwen. Hoe ontstaat deze incontinentie en hoe kom je er weer van af?

Esther van Swieten, gynaecoloog
Gynaecoloog

Dit artikel is geschreven in samenwerking met en goedgekeurd door Esther van Swieten, gynaecoloog in het Spaarne Gasthuis.

Wat is incontinentie?

Incontinentie betekent het niet kunnen ophouden van je plas of het verliezen van urine zonder dat je dit wil. Urine wordt gemaakt door je nieren. Via de urineleiders wordt de urine afgevoerd naar de blaas, waar het wordt opgeslagen. Is de blaas vol? Dan krijg je het gevoel dat je moet plassen, ofwel: je krijgt ‘aandrang’. Als je plast, ontspant de sluitspier van de plasbuis zich en knijpt je blaas zich samen. Vervolgens verlaat de urine je lichaam via de plasbuis.

Wanneer je last hebt van incontinentie gaat dit proces niet helemaal goed. Er zijn grofweg twee verschillende vormen van incontinentie: urge-incontinentie en stress-incontinentie. Soms komen beide vormen tegelijk voor, dan is sprake van gemengde incontinentie.

Urge-incontinentie

Bij urge-incontinentie, ook wel aandrangincontinentie genoemd, verlies je urine op het moment dat je aandrang voelt. Je verliest bijvoorbeeld urine als je op weg bent naar het toilet. Bij deze vorm van incontinentie is de blaas extra prikkelbaar, waardoor de plasreflex te snel optreedt. De blaas knijpt zich dan al samen, terwijl dit nog niet de bedoeling is.

Stressincontinentie

Bij stressincontinentie, of inspanningsincontinentie, heb je last van urineverlies zonder dat je aandrang voelt. Het gebeurt bij activiteiten die de druk in de buikholte verhogen, zoals hoesten, niezen, lachen, traplopen, bukken, tillen of springen. Het heeft dus niks te maken met het ervaren van stress. Deze variant komt vooral doordat de spieren van de bekkenbodem minder sterk zijn. Urineverlies tijdens de zwangerschap, ook wel zwangerschapsincontinentie, komt meestal door deze vorm van incontinentie.

De bekkenbodem

Je bekkenbodem is een soort ‘hangmatje’ van spieren en banden dat onderin je buik gespannen is tussen je schaambeen en je heiligbeen. Het heeft een ondersteunende rol voor de organen onderin je buik zoals je baarmoeder, blaas en eierstokken. Daarnaast speelt het een belangrijke rol bij het ophouden van je plas en ontlasting.

De spieren van de bekkenbodem zijn altijd een beetje aangespannen. Dit helpt je sluitspieren om urine en ontlasting op te houden. Tijdens je zwangerschap krijgt de bekkenbodem het zwaarder te verduren, net als je blaas.

Urineverlies tijdens de zwangerschap

Zo’n een derde van de vrouwen krijgt tijdens de zwangerschap last van ongewild urineverlies. Tijdens een zwangerschap ondergaat je lijf veel veranderingen. Sommige hiervan kunnen incontinentie in de hand werken:

  • Extra druk op de bekkenbodem en blaas. Hoe verder je komt in je zwangerschap, hoe meer druk er komt te staan op je bekkenbodem en je blaas. Je groeiende kindje neemt steeds meer plek in en duwt tegen je blaas, waardoor deze minder ruimte heeft en sneller vol zit. Dit is ook een van de redenen dat je vaker moet plassen. Door de hogere druk kan ongewild urineverlies optreden.
  • Slappere bekkenbodem. Om je lichaam voor te bereiden op de bevalling, zorgen zwangerschapshormonen, zoals relaxine, ervoor dat de spieren van je bekkenbodem en rondom je vagina wat slapper worden. Wel fijn, want je baby moet er straks doorheen. Het nadeel is dat de slappere bekkenbodem niet sterk genoeg meer is om de sluitspieren gesloten te houden bij druk verhogende momenten. Gevolg? Je verliest urine.

Behandeling incontinentie

Meestal is behandeling van incontinentie tijdens de zwangerschap niet nodig. Een half jaar na de bevalling is het bij meer dan de helft van de vrouwen weer hersteld. Je hormoonhuishouding is dan weer op orde en de spieren van je bekkenbodem zijn weer sterker geworden.

Wanneer naar de huisarts?

Veel vrouwen vinden incontinentie een gênante zwangerschapskwaal. Maak je je zorgen of heb je veel last van urineverlies? Dan kan je contact opnemen met je huisarts. Deze kan je advies geven en/of je verwijzen naar een bekkenbodemfysiotherapeut als dat nodig is.

Als de incontinentie na de bevalling aanhoudt, is het verstandig om dit met je huisarts te bespreken. Het is vaak goed te behandelen. Met eenvoudige oefeningen kan je de functie van je bekkenbodemspieren weer herstellen. Bijna 70% van de vrouwen die bekkenbodemoefeningen doet, heeft na een half jaar geen last meer van urineverlies. Bovendien is het trainen van je bekkenbodemspieren goed om incontinentie in de toekomst te voorkomen.

Wat kan je zelf doen bij incontinentie?

Gelukkig kan je zelf verschillende dingen doen om urineverlies te beperken of te voorkomen. De volgende adviezen kunnen helpen:

  • Hanteer een goede toiletroutine. Ga naar het toilet wanneer je aandrang voelt en wacht niet tot je blaas helemaal vol is. Ga rechtop zitten tijdens het plassen, kantel je bekken wat naar voren en plas goed en rustig uit.
  • Blijf goed drinken. Het is belangrijk om voldoende vocht binnen te krijgen als je zwanger bent. Probeer niet minder te drinken in de hoop dat je dan minder urine verliest. Dit heeft geen effect op de incontinentie.
  • Beperk het gebruik van cafeïne. Drink zo min mogelijk koffie en andere cafeïnehoudende producten. Deze stimuleren de nieren, waardoor er meer vocht afgevoerd wordt en je blaas zich sneller vult. De druk op de blaas wordt dan hoger en je krijgt meer aandrang.
  • Train je bekkenbodemspieren. Met simpele oefeningen waarbij je de bekkenbodemspieren aanspant en ontspant, kan je je bekkenbodem sterk houden of versterken.
  • Luister naar je lichaam. Heb je naast urineverlies ook andere klachten, zoals een branderig gevoel of pijn? Negeer dit dan niet. Dit kan op een blaasontsteking wijzen. Neem in dat geval contact op met je huisarts.
  • Gebruik eventueel inlegkruisjes. Het kan comfortabel voelen om inlegkruisjes te gebruiken, hoewel deze ook tot huidirritatie kunnen leiden. Katoenen ondergoed dragen en verschonen wanneer dit nodig is, kan ook. Verlies je meer dan een paar druppels, dan kan incontinentieverband uitkomst bieden.

Vruchtwater of urine?

Het is soms moeilijk om onderscheid te maken tussen vruchtwater of urine. Vooral tegen het eind van je zwangerschap kan je hierover twijfelen. Vruchtwater komt meestal in een grotere hoeveelheid, hoewel dit niet altijd zo is. Je kan vruchtwater herkennen aan een zoete, weeïge geur. Het is helder en doorzichtig, maar kan soms ook wat roze van kleur zijn. Wanneer er meconium in zit, kan vruchtwater troebel zijn. Neem bij twijfel contact op met je verloskundige.