BEVALLINGSVERHAAL

Mijn hele zwangerschap was een makkie! Ik had echt nergens last van, geen misselijkheid, echt helemaal niks... Nou ja, maagzuur dan. Dat was het enige. Toch werd het in de laatste week van mijn zwangerschap erg zwaar…

Weeënopwekkers

Ik begon over mijn hele buik enorme jeukplekken te krijgen. Zo erg dat ik er niet meer van kon slapen en mijn buik bont, blauw en bloederig was. Ik was toen al 40 weken zwanger.

Uiteindelijk kreeg ik het verlossende woord dat ik naar het ziekenhuis mocht om ingeleid te worden. Dit werd gedaan door middel van een ballonkatheter. Helaas werkte dit niet en na twee dagen ziekenhuis besloten ze om me weeënopwekkers toe te dienen.

De weeën kwamen op gang. Ik hoor mezelf nog zeggen: “Vandaag gaan we aan de bak!” En dat gingen we!

De bevalling kwam maar niet op gang

In het begin kon ik de weeën goed aan. Het werd wel steeds zwaarder maar met een morfinepompje kon ik de pijn wat verlichten. Na een paar uur werd het steeds heftiger. Ik kon de weeën niet meer opvangen en vroeg om een ruggenprik. Helaas werkte deze niet. Ik kreeg enkel wat dove tenen, maar verder verdoofde er niks.

Na elf uur heftige weeën controleerde ze nog een keer de ontsluiting: drie centimeter. De bevalling schoot voor geen meter op en ik raakte uitgeput. De weeën bleven komen en ik had geen moment rust meer.

Keizersnede of wachten?

Mijn vriend en ik mochten kiezen: nog één uur aankijken of een keizersnede. Allebei waren we het er al snel over eens dat we voor een keizersnede zouden gaan. Ik werd uit de kleren geholpen en klaargemaakt voor de OK.

Op het moment dat ik klaar was, besloot mijn lichaam om nog even mijn maaginhoud er uit te gooien… En weer werd ik omgekleed.

De weg naar de OK was eindeloos. Ik bleef in één en dezelfde wee hangen. Mijn vriend mocht niet mee de OK in. Het zou een naar gezicht zijn voor hem, zeiden ze. Ik moest onder narcose, omdat de ruggenprik niet werkte. Ook moesten ze mijn maag verder leegpompen.

Op dat moment wilde ik alleen nog maar in slaap gebracht worden.

Vervolgens werd ik wakker…

Ik wist niet waar ik was en wat er gebeurd was. Een zuster kwam naast mij zitten en stelde mij vragen. Ik hoorde om mij heen allerlei medische gesprekken. Mijn naam kon ik niet uitspreken. De naam van mijn vriend wel. Die werd meteen opgehaald. Ondertussen vertelde de zuster dat ik was bevallen van een dochtertje en dat alles goed was.

Ik geloofde het niet. De zuster bracht mijn hand naar mijn buik: weg! Mijn buik was weg en mijn kind was weg! Ik barstte in tranen uit. Ik begon te beseffen dat ik er niet was… Ik was niet bij de geboorte van mijn eigen kind.

Na een paar minuten kwam mijn vriend samen met mijn dochter aangelopen. Ik kreeg haar meteen in mijn armen. Ik snapte er niks van, ik voelde me niet anders. Het leek of ik een kind van een ander in mijn armen kreeg. Ik moest nog een week in het ziekenhuis blijven, omdat ik nog te veel pijn had en mijn herstel gewoon niet op gang kwam.

Ik heb mij zo geschaamd

Bij thuiskomst had ik geen behoefte om iemand te zien. Ik voelde me alleen maar ellendig. Na nog een week ging het beetje bij beetje beter. Vanaf dat moment begon ik wat te voelen voor mijn dochtertje.

Ik heb mij hier heel erg voor geschaamd. Hoe kan een moeder nu niks voor haar kind voelen? Nu, twee jaar later, kan ik nog elk detail en elke minuut van mijn bevalling herinneren. Nog kan ik er niet over praten zonder erbij te moeten huilen. Ik ben bang dat ik dit gevoel nooit kwijtraak.

Fout

Achteraf bleek wel dat een vaginale bevalling onmogelijk was. Mijn dochtertje was echt té groot en lag met haar hoofd dwars voor de uitgang. Dit is een enorme fout van het ziekenhuis geweest. Ze zagen dit ’s ochtends al op de echo maar wilden het nog even aan kijken. Wat mij betreft hadden ze meteen in moeten grijpen. Dan had ik tenminste ook aanwezig kunnen zijn bij mijn eigen bevalling…