baby krijgt borstvoeding

Borstvoeding geven is goed voor jou en je baby. Dit betekent niet dat het altijd soepel gaat. Hoe mooi en waardevol borstvoeding ook is, soms vraagt het veel van je. Hier zijn twaalf redenen waarom borstvoeding geven lang niet altijd makkelijk en leuk is.

Borstvoeding geven aan je baby

Je leest het overal: borstvoeding is de beste voeding voor je kindje.
Via jouw moedermelk krijgt je kleine alle voedingsstoffen binnen die nodig zijn. Je geeft je kind nuttige antistoffen mee en de band tussen jullie groeit snel tijdens de intieme voedingsmomenten. Ook voor jou zijn er veel voordelen. Zo bereik je bijvoorbeeld sneller je gewicht van voor de bevalling en blijft je menstruatie meestal langer weg.

Via de media zie je vooral de mooie en positieve kanten van met de borst voeden. Toch vraagt het soms veel van je en kan het een hele worsteling zijn. Hier kunnen verschillende redenen voor zijn. Hieronder lees je twaalf redenen waarom borstvoeding geven lang niet altijd leuk of makkelijk is.

1. Het is intensief voor jou

Als je borstvoeding geeft ben jij vaak degene die je kindje voedt. Ook ’s nachts ben jij waarschijnlijk degene die eruit gaat. Deze nachtelijke uitstapjes zijn vermoeiend en inspannend. Je partner kan je hierbij helpen. Door bijvoorbeeld je baby te verschonen en bij jou in bed te brengen voor een nachtelijke voeding.

Ook kan je partner een flesje afgekolfde melk geven. Zo kan jij een keer doorslapen, als je borsten dit volhouden. Dit kan je goed gebruiken, want borstvoeding geven kost veel energie. Zorg daarom goed voor jezelf. Probeer voldoende slaap te krijgen en gezond te eten. Drink ook genoeg, ongeveer 2,5 liter per dag. Je verliest veel vocht via je moedermelk.

2. Er is nog even geen ritme

Bij flesvoeding is het vaak makkelijker om in een ritme te komen. Borstvoeding geef je meestal helemaal op verzoek. Dit kan soms betekenen dat je baby elk uur wil drinken. Je kindje zal zo een eigen voedingsschema bepalen. Dit kan vermoeiend zijn voor jou. Na de eerste maand ontstaat er langzaam een ritme bij je baby.

3. Het opstarten vraagt veel tijd en inspanning

Je baby drinkt in de eerste weken acht tot twaalf keer op een dag (24 uur). Een voedingssessie kan tien minuten duren, maar een uur of langer is ook niet ongewoon. Het duurt even voordat jullie samen een ritme hebben gevonden. Ook moet je baby leren drinken aan de borst. Borstvoeding opstarten kost daardoor veel tijd en inspanning. Tijd voor jezelf is daarom in deze periode ver te zoeken.

De regeldagen van je kleine zijn vaak een extra uitdaging. Dan verandert het ritme weer helemaal. Borstvoeding geven vraagt soms veel doorzettingsvermogen. De term powervrouw bestaat niet voor niets!

4. De eerste weken kan het pijn doen

Borstvoeding geven gebeurt niet voor iedereen zonder pijn. Sterker nog, bij de meeste vrouwen zijn er pijnlijke momenten. Je kan last hebben van tepelkloven, blaren, gevoelige tepels of spruw. Misschien bijt en/of trekt je kindje wel aan je tepels. Dit alles maakt van het voeden geen pretje.

De pijn van gevoelige tepels verdwijnt gelukkig wel na een aantal weken. Je tepels worden namelijk wat ‘harder’ en wennen aan het voeden. In de tussentijd is het doorbijten. Bij sommige vrouwen blijven de tepels gevoelig. Je tepels na elke voeding insmeren met een vette zalf met Lanoline erin kan mogelijk helpen.

5. Het lukt niet altijd meteen

Bij sommige baby’s gaat het aanleggen en drinken snel goed. Andere kindjes hebben wat meer oefening nodig. Je kleine heeft misschien de drinktechniek nog niet goed onder de knie. Of het aanhappen gaat nog niet soepel. Het is ook mogelijk dat het jou niet goed lukt om je baby goed aan te leggen. Na een keizersnede kan de pijn van je buikwond je bijvoorbeeld flink tegenwerken.

Wanneer je kleine niet goed uit de borst drinkt of het aanleggen moeilijk gaat, kan dit frustrerend zijn voor jou. Er zijn verschillende oplossingen en tips die kunnen helpen.

6. Je moet nog steeds letten op wat je eet en drinkt

Tijdens je zwangerschap moest je goed letten op wat je wel en niet kon eten of drinken. Wanneer je borstvoeding geeft, houdt dit nog niet op. Wil je een wijntje drinken? Denk er dan aan dat je lichaam ongeveer drie uur nodig heeft om één glas alcohol af te breken. In de eerste weken na je bevalling is het slim om geen alcohol te drinken, omdat je baby nog vaak een voeding nodig heeft. Die drie uur tussentijd is dan moeilijk te halen.

In de borstvoedingsperiode is het advies om zuinig te zijn met cafeïne. Sommige kruiden kan je ook beter laten staan. Daarnaast zijn er medicijnen die je beter niet kan gebruiken wanneer je borstvoeding geeft. Twijfel je? Overleg dan even met je arts.

7. Je hebt kans op dicht zittende melkkanalen en borstontstekingen

Als je baby je borst niet goed leegdrinkt, kan de doorstroom in je melkkanalen geremd worden. Er is dan te veel melk, waardoor het borstweefsel opzet en de melkkanaaltjes dichtdrukt. Blijft deze zwelling bestaan? Dan kan je een borstontsteking krijgen. Dit wil je het liefst voorkomen. Tijdens een borstontsteking is het geven van borstvoeding erg pijnlijk. Toch is het belangrijk om dan door te blijven gaan met voeden. Ook al doet dit pijn, de oplossing zit in het legen van de borst. Je kan een ontsteking helpen voorkomen door nog even te kolven als je het gevoel hebt dat je borst niet leeg is na een voeding.

8. Het kan voor tweestrijd en schuldgevoelens zorgen

Het is mogelijk dat borstvoeding zoveel van je vraagt dat je er uitgeput van raakt. Als het zoveel moeite en tijd kost, kan je in tweestrijd komen. Aan de ene kant wil je dolgraag doorgaan. Aan de andere kant ga je er zelf bijna aan onderdoor. Denken aan stoppen met borstvoeding kan schuldgevoelens met zich meebrengen. Vooral als je van alle kanten hoort dat borstvoeding geven de beste voeding voor je kind is. Kijk vooral naar wat voor jullie gezin het beste is. Soms kan het stoppen met borstvoeding de rust brengen die je nodig hebt.

9. Voeden in het openbaar

Het fijne aan borstvoeding geven is dat je het altijd bij je hebt. Toch kan voeden in het openbaar soms ongemakkelijk zijn. Bijvoorbeeld in een volle trein met allemaal vreemden om je heen. Maak het jezelf gemakkelijk en koop wat goede voedingskleren. Er bestaan speciale voedingsshirts, -jurken, -tops en -bh’s waarmee je heel onopvallend kan voeden.

10. Borstvoeding geven tijdens werk kan lastig zijn

De eerste negen maanden na je bevalling heb je het recht om onder werktijd borstvoeding te geven of te kolven. Je werkgever is verplicht om te zorgen voor een fijne kolf- of borstvoedingsruimte. Toch gebeurt dit niet overal op een goede manier. Dat kan voor vervelende situaties zorgen. Wil je precies weten wat je rechten zijn na je zwangerschap? Bekijk hier alle rechten over borstvoeding en kolven op de werkvloer >>

11. Je bent onzeker over je melkproductie

Bij flesvoeding weet je precies hoeveel je baby drinkt. Tijdens het geven van borstvoeding is dit moeilijk in te schatten. Je voedt je kleine net zo lang tot hij niet meer hoeft. Je hebt alleen geen idee hoeveel melk je kindje dan heeft gedronken.

Daarnaast lees je waarschijnlijk veel wisselende adviezen rondom borstvoeding. Dit kan voor onzekerheid en twijfels zorgen. Heeft je baby wel genoeg gedronken? Dronk je kleine niet te kort? Zolang je kindje goed groeit en vrolijk en actief is, kan je ervanuit gaan dat er genoeg gedronken wordt. Maar die twijfels verdwijnen niet zomaar als sneeuw voor de zon.

12. Soms voelt het niet goed voor jou

Jouw lichaam speelt een grote rol tijdens het geven van borstvoeding. Een verstoorde relatie met je lijf kan ervoor zorgen dat je niet prettig kan voeden. Dit kan bijvoorbeeld komen door seksueel misbruik in het verleden of een eetstoornis. Je kan ook een onprettig gevoel hebben bij borstvoeding zonder dat daar een speciale reden voor is.

Als het moeilijk blijft

Hoe lastig het geven van borstvoeding soms ook is, voor veel moeders is er gelukkig genoeg ruimte om ervan te genieten. Maar soms zijn de nadelen gewoon groter dan de voordelen. Vraagt deze manier van voeden zoveel van je dat je uitgeput raakt of niet lekker in je vel zit? Bedenk dan dat het oké is om de borstvoeding af te bouwen. Je hebt je kleine in ieder geval wat moedermelk mee kunnen geven. En dat neemt niemand jullie meer af.

Heb je problemen met het geven van borstvoeding, maar wil je graag doorzetten? Zoek dan een lactatiekundige bij jou in de buurt. Deze kan je vaak met een paar adviezen weer vooruit helpen. Soms kan het ook meer rust geven om over te stappen op een combinatie van fles- en borstvoeding. Wil jij graag je hart luchten? Het kan fijn zijn om steun te vinden bij vrouwen die hetzelfde meemaken. Praat bijvoorbeeld mee op het 24Baby-forum.

Download onze app

#1 zwangerschaps- en baby-app