In samenwerking met Logo Medela
moeder-en-kind-in-bos-na-borstvoeding-afbouwen

Borstvoeding geven is een mooi en intiem moment tussen jou en je baby. Hoelang je borstvoeding geeft en wanneer je begint met borstvoeding afbouwen is voor iedereen anders. Hoe kan je dit het beste aanpakken?

Wanneer borstvoeding afbouwen

Borstvoeding heeft veel voordelen voor jou en je baby. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) raadt dan ook aan om de eerste 6 maanden volledig borstvoeding te geven. Ze adviseren daarna nog borstvoeding op verzoek te geven naast vaste voeding tot je kindje 2 jaar of ouder is.

Er is echter geen ‘juist’ moment om borstvoeding af te bouwen. Als moeder voel jij zelf het beste aan wanneer jij en/of je baby eraan toe zijn.

Medela borstvoedingcafe

Vragen over borstvoeding?

In samenwerking met Medela

Twijfel je of je je borstvoeding wil afbouwen of heb je vragen hoe? Stel ze in het online Borstvoedingscafé van Medela en ontvang gratis persoonlijk advies van deskundigen.

Meer informatie

Hoe borstvoeding afbouwen

Er zijn verschillende manieren om borstvoeding af te bouwen. Ook hierbij geldt: er is geen ‘juiste’ of ‘beste’ manier. Probeer het te doen op een manier waar jij en je baby je goed bij voelen, dat is het belangrijkste.

Geleidelijk maar snel afbouwen

Als je borstvoeding wilt afbouwen, is het raadzaam om dit langzaam en geleidelijk te doen. Zo kan je verstopping van de melkkanaaltjes en borstontsteking voorkomen. Bouw rustig af door alleen te voeden zodra je stuwing voelt in je borsten. Er komt zo steeds meer tijd tussen het legen van je borsten, waardoor je melkproductie snel afneemt.

Je kan op deze manier ook afbouwen met behulp van een borstkolf. Je kolft dan wanneer je borsten gestuwd beginnen te raken, in plaats van dat je voedt. Kolf je borsten goed leeg om een eventuele verstopping te voorkomen.

Als je baby nog maar een paar dagen oud is, kan de melkproductie al binnen enkele dagen weer gestopt zijn. Wanneer je al langer voedt, kan het een aantal dagen tot weken duren.

Borstvoeding vervangen door flesvoeding of vaste voeding

Als je borstvoeding wilt vervangen door de fles of vaste voeding, vervang dan eerst één voeding. Geef je lichaam enkele dagen tot een week de tijd om hieraan te wennen. Vervang vervolgens een tweede voeding in een ander dagdeel. Bouw zo steeds verder af tot alleen de ochtend- en avondvoeding overblijven.

Het vervangen of weglaten van een borstvoeding leidt tot een verminderde melkproductie, en dus tot afbouwen. Houd hier rekening mee als je begint met het aanbieden van vaste voeding aan je baby. Wil je nog niet afbouwen, maar graag nog borstvoeding geven naast andere voeding? Bied je kindje dan je borst aan na een vaste voeding. Zo kan je de melkproductie op gang houden en heb je een grotere kans dat je voldoende melk blijft produceren voor de behoefte van je baby.

Als je helemaal wilt stoppen met borstvoeding, kan je de ochtend- en avondvoeding verder afbouwen. Voed of kolf dan alleen wanneer je stuwing voelt in je borsten.

Blijven voeden op verzoek

Je kan er ook voor kiezen om borstvoeding niet te vervangen door vaste voeding, maar je baby zo lang mogelijk op verzoek te blijven voeden. Bied dan vanaf 6 maanden de vaste voeding aan als extra, in plaats van vervanging. Je baby krijgt naarmate hij ouder wordt vanzelf wat minder interesse in de borst en meer interesse in andere vormen van voeding. Op deze manier bouw je borstvoeding af op het tempo van je baby en kan je je kindje soms nog jarenlang borstvoeding geven.

Ochtend- en avondvoeding behouden

Veel moeders willen graag de ochtend- en avondvoeding behouden. Als je al wilt afbouwen wanneer je baby jonger is dan 3 maanden zal dit waarschijnlijk niet lukken. Jouw prolactineniveau, het hormoon dat de melkproductie stimuleert, is dan namelijk nog niet stabiel. Hierdoor is het mogelijk dat je melkproductie zodanig terugloopt dat je onvoldoende melk produceert voor de voedingen die je wilt behouden.

Als je al langer borstvoeding geeft, vanaf zo’n 6 maanden, is de kans groter dat je de ochtend- en avondvoeding kan behouden. Je kan je melkproductie wat extra stimuleren door je kindje na zijn ‘vaste’ maaltijd nog de borst aan te bieden.

Tips bij borstvoeding afbouwen

De volgende tips kunnen je ondersteunen bij het afbouwen van borstvoeding:

  • Oefen vanaf 4 weken met een flesje. Geef je baby dagelijks een flesje met wat afgekolfde melk, en laat het bij voorkeur door bijvoorbeeld papa, oma of een vriendin geven. Zo went je kleine aan de fles en leert hij dat hij die lekkere voeding ook op een andere manier en van iemand anders kan krijgen. Er zijn flesjes die het drinken aan de borst goed nabootsen.
  • Geef je baby de tijd om te wennen. Niet alleen jij en je borsten, ook je baby heeft tijd nodig om te wennen aan de verandering. Als je merkt dat je baby nog niet toe is aan de overstap, stel hem dan gerust of ga nog wat langer door met borstvoeding tot hij er wel klaar voor is.
  • Hulpmiddelen inschakelen. Als het afbouwen lastig verloopt, kan je hulp inschakelen van een lactatiekundige. Die kan samen met jou en je baby bekijken wat voor jullie een prettige manier is om af te bouwen.

Hechte band

Het afbouwen van borstvoeding kan bij sommige moeders droevige gevoelens oproepen. Het is immers een mooi en intiem moment tussen jou en je baby, en het kan voelen alsof je hier afscheid van moet nemen. Probeer te bedenken dat deze bijzondere momenten ook op andere manieren terugkomen en dat het niet een einde betekent van jullie hechte band. Door rustig en liefdevol af te bouwen, hebben zowel jij als je baby de tijd om te wennen aan de nieuwe situatie.