Vrouw met stuwing voelt aan haar pijnlijke borst

Na je bevalling kan je last krijgen van stuwing, het gevoel dat je borsten overvol zijn. Zowel bij borstvoeding als bij kunstvoeding kan deze klacht ontstaan. Meestal gaat het na een paar dagen weer over, maar het kan wel vervelend zijn. Hoe kan je omgaan met stuwing?

Wat is stuwing?

Stuwing betekent dat je borsten ‘vol’ aanvoelen. Zowel moeders die borstvoeding geven als moeders die kunstvoeding geven, kunnen stuwing ervaren.

Als je erg veel last hebt van stuwing, kan dit een pijnlijk gevoel zijn. Je borsten lijken harder, zijn warm en je kan een kloppende pijn ervaren. Je huid en tepels staan strakgespannen en lijken een beetje doorschijnend. Sommige vrouwen krijgen zelfs verhoging of verwarren de pijn met een borstontsteking.

Hoe ontstaat stuwing?

Stuwing ontstaat meestal tijdens de kraamweek, doorgaans tussen dag drie en vijf. Het ontstaat door het op gang komen van je melkproductie na de geboorte van je kindje. Tijdens je zwangerschap wordt het hormoon prolactine al aangemaakt, maar wordt het geremd door progesteron en oestrogeen. Na de geboorte zorgt de prolactine ervoor dat je melkklieren melk gaan aanmaken. Je borsten vullen zich dus met melk en raken extra doorbloed, waardoor je extra druk of spanning op je borsten voelt.

Stuwing bij borstvoeding

Als je borstvoeding geeft, produceer je de eerste dagen alleen colostrum. Dit is de eerste, zeer calorierijke melk voor je kindje. Na een paar dagen neemt de melkproductie toe, waardoor je borsten overvol kunnen raken. Stuwing kan ook voorkomen na de kraamweek, bijvoorbeeld als je baby ’s nachts gaat doorslapen of voedingen overslaat.

Geef je borstvoeding, dan is de beste manier om stuwing te verminderen om je kindje wat vaker aan te leggen. De eerste dagen na de bevalling is acht tot twaalf keer per etmaal een goede richtlijn. Lukt dit niet, dan kan je proberen om vaker te kolven. Zorg ervoor dat je kindje (of het kolfapparaat) je borsten helemaal leegt.

Stuwing bij flesvoeding

Ook als je besluit om kunstvoeding te geven, kan je last krijgen van stuwing. Je lichaam maakt ook dan de hormonen aan die ervoor zorgen dat je melkproductie op gang komt. Als je geen borstvoeding geeft, hoopt deze melk zich op in je borsten.

Doorgaans vermindert dit binnen een week vanzelf. Als je je kindje niet aanlegt, komt er namelijk geen prikkel tot de aanmaak van nieuwe melk. De melk die al in je borsten aanwezig was, wordt weer door je lichaam opgenomen.

Zolang je last hebt van stuwing, kan je een strakke beha dragen. Hierdoor krijgen je borsten wat tegendruk. Koude kompressen in je beha geven vaak ook verlichting. Bij pijnklachten mag je paracetamol nemen, volgens de instructies in de bijsluiter. Zijn je klachten erg vervelend, dan kan je bij je huisarts vragen om medicatie die de stuwing tegengaat. Dit kan echter wel bijwerkingen geven, zoals misselijkheid, en is meestal niet nodig.

Stuwing na de kraamtijd

Als je kindje begint met doorslapen, of voedingen overslaat, kan je ook na de kraamweek last krijgen van overvolle borsten. Je melkproductie past zich namelijk niet direct aan het nieuwe voedingsschema aan. Gelukkig neemt de melkproductie na verloop van tijd vanzelf af, als je kindje minder drinkt.

Wijkt je kindje plotseling af van zijn gebruikelijke voedingsschema, bijvoorbeeld vanwege een regeldag? Dan kan je last krijgen van overproductie. Het helpt dan vaak om de overtollige melk af te kolven en invriezen. Ook koude kompressen in je beha geven soms verlichting.

Kan stuwing kwaad?

Over het algemeen is stuwing onschuldig en gaat het vanzelf weer over. Het is wel belangrijk dat de klachten snel verholpen worden. Gebeurt dit niet, dan loop je de kans om borstontsteking te krijgen.

Blijf daarom niet langer dan vier dagen rondlopen met deze klachten, maar bespreek het met je verloskundige of een lactatiekundige. Raadpleeg je huisarts als je last krijgt van koorts of rode plekken op je borst(en).

Tips

Om de klachten tegen te gaan, zijn er verschillende dingen die je zelf kan doen. De tips hieronder kunnen helpen de stuwing te verminderen en problemen in de toekomst te voorkomen.

  • Masseer je borsten. Door tijdens het voeden je borsten te masseren, stroomt de melk beter. Hierdoor is de kans groter dat je baby je borst volledig leegdrinkt.
  • Neem een warme douche. Warmte zorgt ervoor dat je kan ontspannen en bevordert het doorstromen van je melk. Het kan ook verlichting geven om je borst onder de douche te masseren.
  • Wissel warm en koud af. Voor de voeding is warmte prettig, omdat het je melk beter helpt stromen. Na de voeding zorgt kou er juist voor dat de melkproductie een beetje wordt afgeremd, waardoor de klachten afnemen.
  • Laat je kindje de duur van de voeding bepalen. Door je baby te snel van je borst te halen, vergroot je de kans op melkophopingen in je borst. Neem dus rustig de tijd voor het voeden.
  • Probeer verschillende houdingen om te voeden. Soms kan de houding waarin je borstvoeding geeft invloed hebben op het stromen van je melk. Door verschillende posities te proberen, ontdek je vanzelf wat voor jou het beste werkt.
  • Leg koude koolbladeren op je borsten. Sommige vrouwen ervaren verlichting als ze gekneusde bladeren van verse witte kool op hun borst leggen. Je kan de kool eerst in de koelkast leggen, zodat je een verkoelend effect krijgt.
  • Kolf wat melk af. Heb je ondanks uitgebreide voedingen nog last? Dan kan je wat overtollige melk afkolven. Dit kan je productie wel iets verhogen, maar deze prikkel is doorgaans minder sterk dan het aanleggen van je kindje.