Baby kan doorslapen met behulp van tips

Veel ouders kijken reikhalzend uit naar het moment dat hun baby doorslaapt. Wanneer dit gebeurt, ligt grotendeels aan je baby. Jij kan wel voor de juiste voorwaarden zorgen. Met deze 12 tips help je je kindje met doorslapen.

Geertje en Karolien slaapcoaches
Kinderslaapcoaches

Dit artikel is geschreven in samenwerking met en goedgekeurd door Geertje van Heeswijk-Jonkhart en Karolien Kop-Huisman, gecertificeerde slaapcoaches.

Doorslapen baby

Wanneer je baby begint met doorslapen, is moeilijk te voorspellen. Ieder kind is uniek en volgt zijn eigen ontwikkeling. Gemiddeld genomen slapen kinderen ’s nachts vijf à zes uur achter elkaar als ze zo’n 4 tot 5 maanden oud zijn. In het artikel ‘Doorslapen baby‘ lees je hier meer over.

1. Zorg voor een veilige en rustige slaapomgeving

Je baby slaapt het beste in een rustige, prikkelarme en veilige slaapomgeving. Je kan daarbij denken aan rustige kleuren op de muren, zacht licht, verduisterende gordijnen, een prettige kamertemperatuur en weinig stimulerend speelgoed om hem heen. Een veilig ledikant of wieg met een stevig matras is daarnaast onmisbaar voor een goede nachtrust. Bekijk hier wiegjes voor je baby >

2. Maak onderscheid tussen dag en nacht

Help je baby het verschil tussen dag en nacht te leren. Dit kan je doen door tijdens de nachtvoedingen niet te veel licht en geluid te maken. Laat tijdens de slaapjes overdag juist de gordijnen open. Zo ontwikkelt de biologische klok een gevoel voor dag en nacht. Als je kindje een maand of 3 oud is, kan je de gordijnen het beste sluiten overdag. Vanaf die leeftijd maakt je baby in de duisternis namelijk het slaaphormoon melatonine aan, wat het in slaap vallen stimuleert.

3. Creëer een fijn bedtijdritueel

Rust en regelmaat zijn belangrijk. Met een vast bedtijdritueel wordt het leven van je baby voorspelbaarder. Dit geeft een gevoel van veiligheid. Daarnaast houdt een vaste slaaproutine de interne klok op peil. Het zorgt er niet alleen voor dat hij makkelijker in slaap valt, maar vergroot ook de kans op doorslapen. Een voorbeeld van een bedtijdritueel is: wassen, voeden, verhaaltje voorlezen, liedje zingen met alleen een nachtlampje aan. Laat het niet te lang duren, 20 tot 30 minuten is genoeg. Bekijk voorleesboekjes >

4. Gebruik een slaapzak

Een slaapzak kan helpen je baby rustig te laten slapen. Een deken kan een reden zijn waarom je kindje wakker wordt, omdat hij deze kan loswoelen. Bij een slaapzak gebeurt dit niet. Zeker bij een beweeglijke baby kan een slaapzak helpen. Bekijk verschillende slaapzakken >

5.Beperk onrustig slapen met inbakeren

Als je baby heel onrustig slaapt, kan hij zichzelf wakker slaan met zijn armpjes. Bij harde geluiden, temperatuursveranderingen of plotselinge bewegingen treedt bij baby’s ook vaak een schrikreflex op, de Mororeflex. Bij deze reflex bewegen de armen en benen zich, wat de slaap kan verstoren. Inbakeren zorgt ervoor dat je baby dit niet doet en dat hij rustiger wordt.

Ga alleen inbakeren na overleg met het consultatiebureau en zorg ervoor dat je het afbouwt zodra je kind kan omrollen. Het kan verstikkingsgevaar opleveren wanneer je kind op de buik rolt, maar niet terug kan.

6. Zoek de oorzaak van het wakker worden

Baby’s kunnen om verschillende redenen wakker worden. Honger kan de oorzaak zijn, maar er kan ook iets anders spelen. Misschien heeft hij het te koud, te warm, een volle luier of is er iets anders aan de hand. Je kan andere kalmerende technieken dan voeden toepassen, zoals wiegen, inbakeren, schommelen, zingen of praten tegen je baby. Ook een fopspeen kan je baby rustig maken, het kalmeert en voorziet in zuigbehoefte. Wacht bij borstvoeding wel met het aanbieden van de speen totdat het aanleggen goed verloopt. Doe je dit niet, dan kan een speen de borstvoeding verstoren.

7. Zorg goed voor jezelf

De eerste maanden zijn voor jou zwaar. Zeker als je baby niet wil doorslapen. Je kan de avond- en nachtdienst afwisselen met je partner, zodat je om beurten rust hebt. Zorg daarnaast goed voor jezelf en pak zo nodig overdag je rustmomenten. Hierdoor ben je zelf ’s nachts beter in staat je baby weer rustig te krijgen. Schroom ook niet om je omgeving om hulp te vragen bij taken als schoonmaken, koken en boodschappen doen.

8. Kalmeer je baby voor het slapen gaan

Een rustig avondprogramma maakt de overgang naar het bedtijdritueel soepeler. Vermijd spelletjes met veel prikkels en doe iets rustigs in de uren voor het slapen gaan. Met een massage of een badje kan je baby lekker tot rust komen. Hierdoor valt hij makkelijker in slaap. Dit vergroot ook de kans op doorslapen.

9. Houd je baby overdag niet wakker

Je baby overdag tegen zijn zin wakker houden heeft normaal gesproken geen zin. Door hem wakker te houden raakt hij alleen maar oververmoeid en ervaart hij stress. Het stresshormoon cortisol wordt aangemaakt, waardoor in slaap vallen moeilijk wordt. Cortisol belemmert bovendien de werking van melatonine. Daarnaast kunnen de extra prikkels en onrust ervoor zorgen dat hij ’s nachts juist wakker wordt.

10. Ga overdag regelmatig naar buiten

Buitenlucht en daglicht hebben een positief effect op het slaapritme van je baby. Probeer dagelijks minimaal dertig tot zestig minuten buiten te zijn. Je baby wordt er alert en energiek van en het daglicht stimuleert de interne klok. Het licht vertelt de biologische klok dat het dag is en houdt je baby wakker. Wanneer het donker wordt, valt dit effect weg en wordt er meer melatonine aangemaakt. Je baby wordt hierdoor slaperig.

11. Reageer snel en beperk huilen

Je baby moet nog leren om weer in slaap te vallen als hij ’s nachts wakker wordt. De eerste maanden heeft hij jou nodig om hem daarbij te helpen, bijvoorbeeld door te voeden, wiegen, aaien, zingen of een speen te geven. Reageer snel en laat je baby niet te lang huilen als hij wakker wordt. Dit voorkomt dat je baby overstuur raakt en zo krijg je hem sneller kalm. Je hoeft overigens niet bij elk piepje op te springen. Baby’s maken geluiden in hun slaap. Is je kindje niet echt wakker, laat hem dan met rust. Anders verstoor je de slaap. Door met je baby samen op een kamer te slapen, ben je goed in staat snel te reageren.

12. Herken vermoeidheidssignalen

Je baby laat verschillende signalen zien die erop wijzen dat hij moe is. Probeer deze te leren herkennen, zodat je erop in kan spelen. Op deze manier kan je hem in bed leggen voordat hij overprikkeld of oververmoeid raakt. Als je te lang wacht, wordt het in slaap vallen namelijk een stuk moeilijker. De volgende signalen kunnen duiden op vermoeidheid: gapen, in de ogen wrijven, staren, aan de oren zitten, niet meer willen spelen, lusteloosheid, opgetild willen worden en huilen.