baby heeft een goed slaapritme

Je baby heeft veel slaap nodig, overdag en ’s nachts. Zijn slaapritme is heel anders dan dat van jou. Ook verandert het nog veel het eerste jaar. Hoe ziet het slaapritme van je baby eruit en welke veranderingen kan je verwachten?

Geertje en Karolien slaapcoaches
Kinderslaapcoaches

Dit artikel is geschreven in samenwerking met en goedgekeurd door Geertje van Heeswijk-Jonkhart en Karolien Kop-Huisman, gecertificeerde slaapcoaches.

Je baby en slapen

Het slaapritme van je baby verschilt sterk van dat van jou. Je baby slaapt veel en vaak. Hoeveel slaap hij precies nodig heeft, wisselt per kind en per leeftijd. Ook valt de ene baby makkelijker in slaap dan de andere.

Slaap is belangrijk voor je baby. Deze periode van rust zorgt ervoor dat hij kan groeien en dat zijn hersenen zich ontwikkelen.

Actieve en diepe slaap

Voor alle baby’s geldt dat ze slapen in blokken van 50 tot 60 minuten. Zo’n slaapblok noem je ook wel een slaapcyclus. Een slaapcyclus begint met de actieve slaap. Hierin slaapt je baby ondiep. Hij maakt vaak nog geluiden, ademt snel, beweegt en heeft zelfs zijn ogen af en toe open. Tijdens de actieve slaap wordt hij gemakkelijk wakker van geluiden.

In het midden van de slaapcyclus begint de stille slaap. Je baby beweegt in deze slaapfase bijna niet en slaapt dieper. Hij wordt ook minder makkelijk wakker.

Als de diepe slaap is afgelopen, wordt je baby wakker of begint hij een nieuwe slaapcyclus. Een nacht of lange slaap overdag bestaat uit meerdere slaapcycli achter elkaar. Tussendoor kan je baby wakker worden. Wanneer hij een goed slaapritme heeft ontwikkeld, merkt hij dit niet. Hij slaapt dan gewoon verder. Dit is bij jou ook zo.

Slaapritme per leeftijd

Het eerste jaar slaapt je baby ongeveer 12 tot 16 uur per dag. Het slaapritme van je baby verandert regelmatig het eerste jaar. Hieronder vind je uitleg over het slaapritme per leeftijd. Dit zijn richtlijnen. Ieder kindje is uniek en heeft zijn eigen slaappatroon. Blijf daarom naar je baby kijken om erachter te komen wat hij nodig heeft.

Het is mogelijk dat je kindje meer of minder slaapt dan gemiddeld. Groeit hij goed, ontwikkelt hij zich goed en is hij vrolijk? Dan kan je ervan uitgaan dat hij genoeg slaap krijgt. Als hij hangerig, huilerig, ongelukkig of moe is, kan hij waarschijnlijk meer slaap gebruiken.

Slaapritme 0 tot 3 maanden

De eerste maanden slaapt je pasgeboren baby gemiddeld 14 tot 17 uur per 24 uur. Maar het kan verschillen van 9 tot 20 uur. Het aantal slaapjes overdag wisselt nog veel. Je kindje slaapt in deze fase meestal niet langer dan 2½ tot 4 uur achter elkaar. Dit is vooral de eerste 6 weken zo.

De reden hiervoor is dat zijn maag nog klein is. Per keer drinkt hij maar weinig en hij heeft dus snel weer nieuwe voeding nodig. Ook ’s nachts wordt hij daarom om de paar uur wakker. Daardoor is er voor je baby nog geen verschil tussen dag en nacht. Zijn leven bestaat vooral uit eten, slapen, even wakker en weer slapen. Hij kan nu ongeveer 1 tot 2 uur wakker zijn.

Om je baby aan het dag- en nachtritme te laten wennen, is het slim om ’s nachts niet veel geluid en licht te maken. Ergens tussen de 6 tot 8 weken verandert zijn slaapritme. Het dag- en nachtritme begint te komen en je kindje slaapt ’s nachts steeds iets langer.

Slaapritme 4 tot 6 maanden

Vanaf de 4e maand hebben de meeste baby’s al een redelijk dag- en nachtritme. Dit heeft er vooral mee te maken dat hij minder nachtvoeding nodig heeft. Gemiddeld slaapt je baby nu 13 tot 15 uur per dag. In deze maanden kan je baby in de nacht 8 uur of langer achter elkaar doorslapen. Maar niet alle baby’s doen dit al op deze leeftijd. Overdag slaapt je kindje nog 3 tot 5 keer.

In deze periode gaat je baby ook dieper slapen. Hierdoor schrikt hij niet zo snel meer wakker. Vanaf nu is het goed om voor het slapen gaan een vast slaapritueel te volgen. Denk hierbij aan het voorlezen van een boekje of het zingen van een liedje voordat hij gaat slapen. Je baby wordt er rustig van en weet dat het bijna slaaptijd is.

Rond 4 maanden bestaat de kans dat je baby ineens weer slechter gaat slapen. Dit wordt de 4 maanden slaapregressie genoemd. Het heeft te maken met een grote ontwikkelingssprong: hij ontdekt namelijk dat hij een los persoon is van jou. Dat betekent dat hij snapt dat jij weg kan gaan van hem. En dat bevalt hem niets. Dit kan ervoor zorgen dat hij niet goed meer in slaap valt zonder jou. Gelukkig is dit meestal tijdelijk en duurt deze fase maar twee tot vier weken. Knuffelen, wiegen, sussen en dragen doe je waarschijnlijk veel deze weken.

Slaapritme 7 tot 9 maanden

Gemiddeld slaapt je baby in deze maanden ongeveer 12 tot 15 uur per dag. Een goede slaper kan in de nacht 9 uur of langer achter elkaar slapen. Er zijn ook genoeg baby’s die minder lang slapen en maximaal 5 of 6 uur achter elkaar slapen.

Overdag doet je baby nu meestal nog twee tot drie dutjes. Zijn het korte dutjes? Dan kunnen het er ook meer zijn. Je merkt waarschijnlijk dat hij iedere dag ongeveer op hetzelfde tijdstip toe is aan zijn slaapjes. Deze tijdstippen verschillen per kind en liggen ook aan jouw ritme.

In deze maanden leert je baby veel nieuwe dingen. Zo gaat hij zitten, omrollen, kruipen en ontdekt hij de wereld om hem heen. Je kindje heeft dus veel te verwerken. Hierdoor kan hij soms (tijdelijk) wat moeilijker inslapen. Hij heeft jou daarbij nodig. In deze periode kan je baby ook meer gaan dromen, waardoor hij soms huilend wakker wordt en onrustiger slaapt.

Slaapritme 10 tot 12 maanden

Rond de 10 maanden slaapt je baby nog steeds gemiddeld 12 tot 15 uur per dag. Een goede slaper kan in de nacht ongeveer 11 uur achter elkaar slapen. Overdag heeft hij nog ongeveer 3 uur slaap nodig. Ook kan hij nu 3 uur achter elkaar wakker zijn. Hoe meer overdagslaap er is, hoe fitter je baby aan de nacht begint. De nacht verloopt dan soepeler. Tussen de 9 en 12 maanden hebben de meeste baby’s daarom nog twee overdagslaapjes nodig.

Slaapritme 13 tot 18 maanden

Als je baby tussen de 13 en 18 maanden is, slaapt hij nog 11 tot 14 uur per 24 uur. Mogelijk is hij klaar om het ochtendslaapje op te geven. Het is daarbij wel belangrijk om naar je kind en zijn slaapgedrag te blijven kijken. Ieder kind is namelijk anders.

Slaapt je baby ‘s nachts goed door en wordt het in slaap vallen bij het eerste overdagslaapje steeds lastiger? Dan kan dat erop wijzen dat je kindje klaar is om naar één overdagslaap over te gaan. Maar er zijn ook genoeg kinderen van 18 maanden of ouder die wel nog twee keer slapen overdag.

Verlatingsangst en slapen

Vanaf ongeveer 8 maanden kan je baby last krijgen van verlatingsangst. Dit kan voor slaapproblemen zorgen. Als hij ’s nachts helemaal alleen wakker wordt in zijn kamer, kan hij overstuur zijn. Dit kan ook gebeuren als je hem in zijn bed legt en daarna alleen laat. Een vast slaapritueel kan de verlatingsangst minder maken. Het maakt het leven voor je baby voorspelbaar en vertrouwd.

Je baby helpen aan een goed slaapritme

Je kan er niet altijd evenveel aan doen als je baby slecht slaapt. Wel kan je ervoor zorgen dat de slaapsituatie zo fijn mogelijk is. Naast een vast slaapritueel kunnen de volgende dingen helpen voor een goed slaapritme.

  • Een rustige omgeving. Een veilige ruimte zonder prikkels geeft je baby de rust om kalm zelf in slaap te vallen.
  • Verduisterende gordijnen. Een goed verduisterde kamer helpt je baby bij het wennen aan een dag- en nachtritme.
  • Een prettige temperatuur op de slaapkamer. Als het niet te koud en niet te warm is, kan je baby beter in slaap vallen. Zorg ook voor genoeg ventilatie.
  • Zoveel mogelijk dezelfde bedtijden. Dit zorgt voor voorspelbaarheid in het dagritme van je baby. Zijn biologische klok stelt zich hierop in.
  • Een nachtlampje. Dit kan handig zijn als je kindje het niet fijn vindt wanneer het helemaal donker is in de kamer. Vooral bij wat oudere baby’s kan dit helpen.

Overzicht slaapritme per leeftijd

Het slaapritme van je baby hangt sterk af van zijn leeftijd. Hieronder zie je de gemiddelde slaapbehoeftes, wakkertijden en overdagslaapjes per leeftijd nog eens samengevat in een tabel.

Bron hoofdfoto: Jaleesa Koelen Fotografie