Anticonceptiering

Heb je een druk schema en wil je niet dagelijks denken aan je anticonceptie? Wil je daarnaast goed beschermd zijn tegen een zwangerschap en zelf je menstruatie reguleren? Dan is de anticonceptiering misschien het juiste anticonceptiemiddel voor jou. Hieronder lees je hoe hij werkt en wat de voor- en nadelen zijn.

Wat is de anticonceptiering?

De anticonceptiering, ook wel hormoonring of Nuvaring, is een hormonale anticonceptiemethode. Hij voorkomt een zwangerschap en reguleert je menstruatie. De ring is gemaakt van flexibel kunststof met daarin de kunstmatige hormonen oestrogeen en progestageen. Het anticonceptiemiddel heeft een doorsnede van 5 centimeter en het speciale ontwerp zorgt ervoor dat:

  • hij er niet uit valt
  • je de ring niet voelt
  • hij een optimale bescherming biedt

Hoe werkt de anticonceptiering precies?

De werkzame stoffen in de anticonceptiering lijken op jouw lichaamseigen hormonen oestrogeen en progesteron. Waar zij juist een zwangerschap voorbereiden, zorgen de stoffen in de ring ervoor dat een conceptie wordt voorkomen. Ze hebben namelijk een drieledige werking:

  • De eicel rijpt niet, waardoor er geen bevruchting kan plaatsvinden.
  • Het slijm bij de baarmoedermond wordt stug en taai, zodat zaadcellen niet kunnen binnendringen.
  • Het baarmoederslijmvlies wordt ongeschikt voor de innesteling van een bevruchte eicel.

Zo gebruik je de anticonceptiering

De anticonceptiering breng je eens in de 3 weken in, waarna je hem verwijdert en een stopweek houdt. Als je begint met het anticonceptiemiddel, volg dan het stappenplan hieronder:

  1. Druk de ring samen en duw deze één vinger diep in de vagina. Als hij diep genoeg zit, voel je hem niet of nauwelijks.
  2. Breng de anticonceptiering in tussen de eerste en vijfde dag van je menstruatie. De eerste 7 dagen dat je de ring draagt, is de werking nog niet betrouwbaar. In deze periode kun je ter extra bescherming een condoom gebruiken.
  3. Onthoud de dag en de tijd van het moment waarop je de ring hebt ingebracht. Drie weken hierna rond hetzelfde tijdstip moet je de ring verwijderen.
  4. Er volgt een ringvrije periode, van maximaal 7 dagen, waarin je ongesteld wordt. Daarna breng je de nieuwe anticonceptiering in op dezelfde dag en rond hetzelfde tijdstip.

Wil je je menstruatie uitstellen? Dan breng je na drie weken, gelijk nadat je de oude hebt verwijderd, een nieuwe anticonceptiering in. Dit heeft geen invloed op je latere vruchtbaarheid of gezondheid.

Tijdens de seks

Het is mogelijk dat jij of je partner de ring voelt tijdens het vrijen, wat onprettig kan zijn. Dan is het mogelijk de ring te verwijderen. Als je hem binnen drie uur weer terugplaatst, blijft de ring betrouwbaar en ben je alsnog beschermd.

Bijwerkingen

De bijwerkingen van de anticonceptiering zijn vergelijkbaar met die van de pil. Gelukkig heeft niet iedereen last van klachten. De meest voorkomende bijwerkingen (bij <10% van vrouwen) zijn:

  • Vaginale (schimmel-) infectie
  • Depressie
  • Afname libido
  • Hoofdpijn, migraine, buikpijn en misselijkheid
  • Gewichtstoename
  • Acne
  • Genitale jeuk
  • Vaginale afscheiding
  • Hevige menstruatiepijn

De anticonceptiering geeft zeer waarschijnlijk meer risico op trombose dan de pil. Daarnaast is er een iets verhoogde, maar nog steeds erg kleine, kans op hart- en vaatziekten. Deze neemt toe als je rookt en ouder bent dan 35 jaar.

Betrouwbaarheid

De anticonceptiering biedt met zijn drieledige werking veel zekerheid bij correct gebruik. Net als bij de pil is er jaarlijks een kans van 0,3% op een zwangerschap. De betrouwbaarheid neemt af wanneer je een te lange stopweek houdt, hem vergeet te verwijderen of als de ring eruit valt. Raak niet meteen in paniek als dit gebeurt, onthoud dan het volgende:

Vergeten

We zijn allemaal mensen en het kan een keer voorkomen dat je de vaginale ring vergeet te verwijderen. Doe dan het volgende:

  1. Gebruik je de anticonceptiering langer dan 3 weken, maar maximaal 4 weken? Dan is de werking niet verminderd. Neem een ringvrije periode van 7 dagen en breng hierna de nieuwe ring in.
  2. Gebruik je de ring wel langer dan 4 weken? Dan is de werking minder betrouwbaar en kan je zwanger worden. Neem in dit geval contact op met je huisarts voordat je een nieuwe ring plaatst.

Je kan ook een te lange stopweek houden. Net als bij de pil geldt dat de betrouwbaarheid afneemt als je de ring later dan 12 uur na het gebruikelijke tijdstip inbrengt. Heb je de dagen daarvoor seks gehad? Neem dan voor de zekerheid binnen 72 uur een morning-afterpil en gebruik de komende 7 dagen een condoom.

Eruit vallen

Het kan gebeuren dat de ring vanzelf uit de vagina komt, bijvoorbeeld bij het wisselen van een tampon, tijdens het vrijen of bij obstipatie. Als dit gebeurt, spoel de ring dan af en breng hem opnieuw in. Plaats je hem binnen 3 uur? Dan blijf je beschermd. Plaats je hem na 3 uur? Neem dan voor de zekerheid een morning-afterpil. Daarnaast is het verstandig om de komende 7 dagen een condoom te gebruiken.

Zwanger worden na de anticonceptiering

Wanneer je een anticonceptiering gebruikt en je graag zwanger wil worden, moet je hem eerst verwijderen. In principe ben je hierna meteen vruchtbaar, maar – net als bij de pil – kan het even duren voordat je hormoonhuishouding weer de oude is. Als je je eerste echte menstruatie hebt gehad, weet je zeker dat je weer een eisprong hebt.

Na de bevalling

Indien je na de bevalling borstvoeding wil geven, wordt het de eerste 6 tot 8 weken afgeraden de anticonceptiering te gebruiken. De hormonen in de ring zijn voor zover bekend niet schadelijk voor je kindje, maar kunnen wel de productie van de moedermelk verminderen. Het spiraaltje, de minipil of het condoom zijn dus betere anticonceptiemethoden in combinatie met borstvoeding.

De voor- en nadelen

De anticonceptiering is dus een betrouwbaar middel, waarmee je bovendien je menstruatie kan reguleren. Hieronder staan alle voor- en nadelen nog even voor je op een rij.

Wanneer niet de anticonceptiering gebruiken?

Door de hormonen in de ring, is het anticonceptiemiddel niet voor iedereen geschikt. Je kan hem beter niet gebruiken als je:

  • ouder bent dan 35 jaar en rookt
  • een vermoeden hebt dat je zwanger bent
  • trombose, embolie, lever-, alvleesklier- en geslachtshormoonaandoeningen hebt (gehad)
  • onverklaarbare vaginale bloedingen ervaart

Ook kan de betrouwbaarheid van de anticonceptiering in combinatie met bepaalde medicijnen afnemen. Overleg daarom altijd met je huisarts of de anticonceptiering geschikt is voor jou.

TIP: Wil je de anticonceptiering gaan gebruiken? Maak dan een afspraak met je huisarts om de opties te bespreken.