peuter die gezonde snack eet

‘Snoep gezond, eet een appel,’ luidt een bekende slogan. Je peuter heeft veel meer aan een stuk fruit dan aan een lolly. Met gezonde snacks went hij aan een gevarieerd eetpatroon en krijgt hij belangrijke voedingsstoffen binnen. Maar waar moet je allemaal aan denken als je je peuter gezond wilt helpen snoepen?

Waarom tussendoortjes of snacks?

De voedingsbehoefte van je peuter is te groot om aan drie maaltijden genoeg te hebben. Daarom heeft hij ook tussendoortjes nodig. Als je veel verschillende soorten tussendoortjes aanbiedt, weet je zeker dat je peuter genoeg belangrijke voedingsstoffen binnenkrijgt. Bovendien went hij aan verschillende smaken en texturen en leert hij (gezond) eten te waarderen.

Waarom gezonde snacks?

Voeding heeft al van jongs af aan invloed op de fysieke en emotionele ontwikkeling van je kind. Went hij meteen aan een ongezond eetpatroon, dan zal het steeds moeilijker worden om hem daarvan af te helpen.

Bovendien heeft hij kans om overgewicht te krijgen. Hij kan zich dan minder goed bewegen en ontwikkelt zich slechter op motorisch vlak. Op latere leeftijd kan het moeilijk zijn om van overgewicht af te komen. Bovendien kan hij een laag gevoel van eigenwaarde ontwikkelen.

Eet je peuter gevarieerd en gezond, dan heeft hij daar dus niet alleen nu, maar ook de rest van zijn leven profijt van.

Wanneer tussendoortjes?

Het beste is om naast de drie maaltijden (ontbijt, lunch en avondeten) twee tot vier tussendoortjes te geven. Je peuter heeft dan hooguit zeven eetmomenten per dag. Hoe meer eetmomenten, hoe groter de kans op gaatjes in de tanden en overgewicht.

Verspreid de gezonde snacks over de dag. Geef ze tussen de maaltijden door en niet te kort voor het eten, zodat de eetlust van je peuter niet wordt verpest.

Een voorbeeld van hoe het voedingsschema voor je peuter eruit kan zien:

  • 07.00 uur: Ontbijt
  • 09.30 uur: Tussendoortje
  • 12.00 uur: Lunch
  • 14.30 uur: Tussendoortje
  • 16.30 uur: Tussendoortje
  • 18.00 uur: Avondeten

Wat is een gezonde snack?

Bij gezonde snacks kan je denken aan fruit, groente, rijstwafels en volkorenproducten zoals brood. Ook gedroogde vijgen, abrikozen, dadels en rozijnen komen in aanmerking.

Goede fruitsnacks zijn bijvoorbeeld stukjes appel, peer, meloen en aardbei. Handige snackgroenten zijn plakjes komkommer, reepjes paprika en stukjes wortel. Fruit en groenten waar je peuter zich gemakkelijk in kan verslikken, zoals snoeptomaatjes en druiven, kun je het beste in vieren snijden.

Een vrucht waar je misschien niet meteen aan denkt, maar die wel heel lekker is, is avocado. Een avocado bevat veel goede voedingsstoffen, zoals vezels en vitamines. Het is makkelijk mee te nemen voor onderweg en kan ook goed worden gecombineerd met andere fruit en groenten. Zie daarvoor ook de tussendoortjes recepten.

Wat is een ongezonde snack?

Ongezonde snacks zijn bijvoorbeeld koekjes en snoep. Hoewel je peuter het misschien lekker vindt, heeft je kind deze zoete tussendoortjes niet nodig. Er zitten veel suikers en verzadigde vet in, waar je peuter dik van wordt. Bovendien zitten er geen nuttige voedingsstoffen in en krijgt hij er dus alleen ‘lege’ calorieën mee binnen.

Er bestaan ook koekjes en snoepjes met toegevoegde vitamines of vezels. Of speciale ‘kinderkoekjes’, die te koop zijn in de supermarkt. Laat je hier niet door verleiden: deze snacks zijn nog steeds ongezond. Onthoud dat gezonde snoepjes eigenlijk niet bestaan. We eten snoep en koek omdat het leuk en lekker is, het kan gezond eten niet vervangen.

Af en toe een ongezonde snack mag natuurlijk best, bijvoorbeeld op verjaardagen of in het weekend. Het kan goed werken om samen met je partner een aantal vaste snoepmomenten vast te stellen. Geef je peuter bijvoorbeeld op zondag een koekje als jullie aan de koffie zitten. Na een tijdje weet je kind dat dit moment eraan komt en kan hij zich erop verheugen.

Tips voor je snackende peuter

Hoe zorg je ervoor dat je peuter zijn gezonde snacks lekker vindt én het snoepen op een gezonde manier gebeurt? Met deze tips kom je een heel eind:

  • Varieer zoveel mogelijk. Geef de ene keer een appel, de andere keer een banaan en probeer soms ook iets exotisch, bijvoorbeeld passievrucht.
  • Houd vaste eetmomenten aan. Zo creëer je een routine en leert je peuter dat hij niet om iets lekkers hoeft te zeuren.
  • Stop, als je op pad gaat, altijd een schilmesje (of zakmes!) in je tas. Een banaan kan je peuter makkelijk eten. Een peer of appel lukken misschien minder goed, die moet je schillen en snijden.
  • Maak van gezond snoepen iets leuks! Ga er samen voor zitten en laat je peuter toekijken als jij een appel schilt. Zo ziet hij hoe dat stukje fruit eigenlijk in elkaar zit. Het beste is om niet te eten tijdens het spelen, zodat je peuter bewust bezig kan zijn met eten.
  • Geef het goede voorbeeld. Als je peuter jou de hele dag door ziet eten, zal hij denken dat dit normaal is. Eet daarom samen met je peuter op vaste momenten fruit en groenten. Je hoeft niet meteen al je guilty pleasures achter slot en grendel te stoppen: wacht gewoon met het eten van chocola tot je peuter in bed ligt.
  • Haal niet te veel ongezonde tussendoortjes en snacks in huis. Dan weet je peuter ook niet waar het ligt en zal hij er minder om vragen.
  • Laat je peuter niet te veel wennen aan zoet. Je kunt beter water geven in plaats van vruchtensap of limonade, zodat je peuter niet de hele dag een zoete smaak in zijn mond heeft.
  • Laat je peuter elke dag veel bewegen. Dit is, naast gezond eten, belangrijk voor kind. Dat doet hij al door te spelen en zelf te lopen. Hoe meer je peuter klimt, rent, springt en danst, hoe beter. Trek er daarom lekker op uit, bijvoorbeeld naar de speeltuin of de kinderboerderij. Of bezoek samen een sportklasje, zoals peutergym, peuterzwemmen of peuterjudo.