Taalontwikkeling stimuleren baby

Taalontwikkeling stimuleren, hoe doe je dat?

Al vanaf de geboorte is een baby druk bezig met het leren praten. De taalontwikkeling verschilt per kind. Of je kindje nu achterloopt of voorloopt, je kunt hem helpen. Er zijn namelijk verschillende manieren om zijn taalontwikkeling te stimuleren.

Het leren praten van je kindje staat in directe verbintenis met horen. Vanaf het moment dat je baby de eerste stemmen hoort, begint zijn taalontwikkeling. Je kan vanaf dat moment al de taalontwikkeling stimuleren.

Praten tegen je buik

Al tijdens je zwangerschap kan je de taalontwikkeling van je baby bevorderen. Vanaf de 21ste week van je zwangerschap kan je baby horen. Je baby vangt vanaf dit moment allerlei geluiden op. Zowel de geluiden in jouw buik als de geluiden buiten je buik.

Als je nu tegen je baby gaat praten kan hij je horen. Dat stimuleert niet alleen de taalontwikkeling, maar zorgt er ook voor dat hij na de bevalling je stem herkent. Hoe meer de baby jouw stem hoort, hoe meer vertrouwd deze klinkt als hij eenmaal in je armen ligt. Dat geldt ook voor de stem van je partner, de stemmen van eventuele broertjes en zusjes of het gefluit van een parkiet.

Praten tegen je baby

De taalontwikkeling heeft alles te maken met het horen van andere stemmen. Het maakt niet uit wat je tegen je baby zegt, zolang je maar aan het praten bent. Vertel hem wat je doet als je naar de keuken loopt en vertel hem over je lievelingsfilms. Kortom, vertel hem alles wat je doet en denkt.

De manier waarop je tegen je baby praat maakt niet zoveel uit. Moeders en vaders praten anders tegen hun kinderen. Moeders spreken vaak op een hogere toon en maken kortere en eenvoudigere zinnen dan vaders. Maar maak je hierover geen zorgen, zolang je praat tegen je baby is het goed.

Een baby zal in woorden nog lang niet begrijpen wat je bedoelt. Maar de manier waarop je dingen zegt hebben ze eerder door. Let dus op je lichaamstaal, de uitdrukking in je gezicht en de hoogte van je stem. Ben je boos, lach dan niet, maar laat ook in de manier van zeggen merken dat je boos bent. Dit is goed voor de taalontwikkeling, omdat hij je zal proberen te imiteren met z’n gezichtje en met het uitbrengen van klanken.

Praten mét je baby

Naast het praten tegen je baby is ook het praten tegen andere personen goed, zolang hij je maar kan horen praten. Of je nou tegen je partner praat of aan de telefoon bent, stimuleert dit de taalontwikkeling van je baby. Maar het beste is het praten mét je baby.

Als je praat tegen je baby geef hem dan de mogelijkheid om te reageren. Je baby zal terug lachen, giechelen of misschien wel zuchten. Maar al deze vormen van reactie zijn goed, er vindt dan namelijk interactie plaats. Onderzoek toont aan dat als ouders mét hun baby’s praten in plaats van tegen ze, deze sneller leren praten.

Waarom je moet blijven praten tegen je baby
Hoogopgeleide ouders zeggen gemiddeld 2200 woorden per uur. Als hun kind de leeftijd van 3 jaar heeft bereikt, heeft hij een eigen woordenschat van 1100 woorden. Laagopgeleiden zeggen gemiddeld 1250 woorden per uur. Op dezelfde leeftijd heeft hun kind een woordenschat van slechts 750 woorden. Dus ook al begrijpt je baby waarschijnlijk nog niks van wat je zegt, blijf tegen hem praten!

Pas op met verbeteren van woorden

Bij de taalontwikkeling van je kindje is het goed uitspreken van woorden niet het belangrijkste. Zijn eerste woordjes zullen niet perfect gevormd zijn. Het voornaamste is dat ze veel praten. Praten moet voor je kindje leuk blijven. Daarom is het van belang dat je oplet hoe je de fouten verbetert. Zijn leeftijd heeft invloed op hoe je om moet gaan met fout uitgesproken woorden.

Als je baby jong is en net leert praten, begrijpt hij nog niet dat je ook over taal kan praten. Je kind zegt bijvoorbeeld “oen” maar bedoelt “schoen”. Een positieve reactie hierop werkt beter dan een negatieve. Zeg niet “Nee dat is geen oen, het is een schoen.”, maar herhaal op een goede manier “Ja, dat is een schoen.”. Je leert hem nu hoe het moet, maar zonder hem het gevoel te geven dat hij het fout had. Zo blijft praten leuk.

Als kinderen al wat ouder zijn, rond de leeftijd van drie, en ze weten wat ze zeggen of bedoelen kan je het anders aanpakken. Ze spreken de woorden dan bijvoorbeeld niet goed uit omdat de combinaties van de bepaalde letters lastig zijn, maar weten wel degelijk de juiste uitspraak.

Het woord “straat” kan bijvoorbeeld lastig zijn voor kinderen, ze spreken dit vaak uit als “taat”. Als je wil dat ze het woord goed gaan uitspreken kan je een trucje uithalen. Als je het woord fout herhaalt zal je kindje je proberen te verbeteren. Tijdens het verbeteren zijn ze extra gefocust op het lastige woord en doen ze meer moeite het goed uit te spreken.

Gratis boekenpakketShoptip taalontwikkeling stimuleren, gratis kwebbels boekenpakket

Met voorlezen stimuleer je de taalontwikkeling van je kindje. Ter kennismaking biedt Kwebbels een uniek kinderboekenpakket gratis aan (exclusief verzendkosten). Het pakket bevat 4 leuke lees-, leer- en doeboeken van bekende merken.

Gratis aanvragen ➝

De taalontwikkeling stimuleren door middel van voorlezen

In alle leeftijdsfases kan je de taalontwikkeling stimuleren door voor te lezen. Bij voorlezen komen namelijk woorden langs die je in het dagelijks leven niet vaak gebruikt.

  • Baby’s zullen boeken in het begin voornamelijk zien als voorwerp. Maar herhaling is de sleutel. Op een gegeven moment zullen ze doorkrijgen wat het is en wat je ermee kunt doen.
  • Als je kindje de leeftijd van 1 jaar heeft bereikt, kan je plaatjes aanwijzen en benoemen in bijvoorbeeld plaatjes- en prentenboeken. Ook zijn er boekjes die gebruik maken van extra middelen, zoals geluid of een stof om aan te voelen.
  • Als je kindje eenmaal zover is dat hij weet wat een boek is, zal hij zelf boeken aan gaan wijzen. Hij weet nu dat eruit voorgelezen wordt en dat er plaatjes in staan, misschien heeft hij zelfs al een lievelingsboek. Je kan nu samen gaan praten over wat er gebeurt en wat jullie hebben gelezen. Doe-boekjes kunnen nu ook worden ingezet. Daarbij moeten ze bijvoorbeeld dingen tellen of kleuren aanwijzen.
  • Als ze echt wat ouder zijn, rond de 4 jaar, en zich langer kunnen concentreren kan je echt gaan voorlezen. Tijdens het voorlezen kan je de interactie stimuleren door ook eens een vraag stellen. De vraag kan bijvoorbeeld gaan over wat hij denkt dat er gaat gebeuren.
ADVERTENTIE