Je baby wordt boos als je iets afpakt

Er komt een moment dat je niet zo makkelijk meer 'verboden' spullen bij je baby kan weghalen. Hij krijgt een eigen willetje en is veel te trots op ‘zijn’ spullen om ze zomaar uit handen te geven. En dat zal hij je laten merken ook. Je baby kan boos zijn! Misschien heb je zelfs zijn eerste driftbui al meegemaakt.

Pakken wat je pakken kan

Als hij tussen de 7 en 9 maanden oud is, kan je baby al heel goed grijpen. Dat brengt hij ook maar al te graag in de praktijk: hij pakt wat hij pakken kan. Zijn eigen speelgoed en knuffels, maar ook mama’s sleutels, papa’s sokken en de staart van de kat zijn bijzonder interessant.

Soms is het nodig om iets van zijn verzameling af te pakken, bijvoorbeeld als hij met jouw spullen aan de haal gaat, of iets gevaarlijks vasthoudt. Baby’s kunnen nog geen gevaar inschatten, dus zal jij die breekbare glazen vaasjes uit zijn handjes moeten houden.

Boos!

Je kindje zal niet altijd blij reageren als je iets van hem afpakt. Wat je vindt mag je houden, toch? Je kleine ontwikkelt het concept ‘mijn’, en houdt ‘zijn’ spulletjes (of ze nou wel of niet echt van hem zijn) dan ook graag dichtbij.

Je baby beseft echter nog niet dat sommige voorwerpen gevaarlijk voor hem zijn, dat hij ze kapot kan maken of dat ze simpelweg aan iemand anders toebehoren. Het voelt voor hem oneerlijk als je iets afpakt, en hij kan daardoor gefrustreerd raken.

Omdat je kleine nog niet heeft geleerd hoe hij met zijn emoties om kan gaan, kan hij erg boos worden. Als je baby boos is, kan hij dat uiten door (hard) te gaan huilen, soms zelfs door te schreeuwen of krijsen. Mogelijk gooit hij met zijn speelgoed, slaat hij wild om zich heen of schopt hij met zijn beentjes uit frustratie.

Hoe je kleintje zijn boosheid uit, is afhankelijk van zijn aangeboren temperament en het karakter dat hij begint te ontwikkelen. De ene baby laat subtiel merken dat hij iets niet leuk vindt, terwijl de andere baby enorme driftbuien kan hebben.

Daarnaast speelt het verschil tussen jongens en meisjes een rol. Jongens hebben meer testosteron en uiten hun boosheid doorgaans meer naar buiten. Met een jongensbaby zal het eerder voorkomen dat tijdens een boze bui zijn speelgoed in het rond vliegt. Desondanks kunnen meisjes net zo goed een driftbui hebben!

Waarom wordt je baby boos?

Je kleine kan zich nog niet in anderen verplaatsen. Je baby’s wereld draait om hemzelf. Hij snapt nog niet waarom hij niet alle mooie spullen die hij tegenkomt bij zich mag houden.

Ook is hij nog niet bekend met het concept ‘delen’. Als je een ouder kindje bij je baby zet die al weet hoe je gezellig samen en met elkaars speelgoed kan spelen, kan dat wel eens zorgen voor onbegrip bij je kleintje. Hij ziet het namelijk helemaal niet zitten dat het oudere kindje één van zijn schatten pakt om mee te spelen.

En dat jij spullen bezit die je graag veilig uit de hebberige handjes van je baby wil houden, vindt hij ook maar vreemd. Gelukkig leert je baby als hij 10 tot 12 maanden oud is meer over verbanden en zal hij snappen dat spullen een eigenaar hebben, en dat niet álles van hem is.

Omgaan met je boze baby

Het kan lastig zijn als je kleintje boos is. Misschien probeer je er alles aan te doen om te voorkomen dat je baby boos wordt, of geef je hem tijdens een woede-aanval zijn zin, om de sirene zo snel mogelijk te sussen. Op die manier leert je kindje dat hij boosheid strategisch in kan zetten om zijn zin te krijgen. Niet zo handig dus! Hoe kan je er dan wel goed mee omgaan?

  • Blijf zelf rustig en laat je baby eventjes uitrazen. Geef het voorwerp dat je hebt afgepakt niet terug! Zoals gezegd leert je baby dan dat hij zijn zin krijgt met boos doen. Je kan zijn boosheid beter negeren, zodat hij merkt dat het geen zin heeft.
  • Heeft je baby echt een heftige driftbui, waarbij hij wild om zich heen slaat? Leg hem dan ergens waar hij zichzelf geen pijn kan doen.
  • Houd dingen die je kleine absoluut niet mag (zoals gevaarlijke voorwerpen of breekbare spullen) buiten zijn bereik. Zo voorkom je dat je de hele dag van alles aan het afpakken bent.
  • Respecteer zijn spullen en pak niet iets af als dat niet nodig is.
  • Probeer hem – voordat je iets afpakt – het voorwerp zelf terug te laten geven. Leg op een rustige toon uit waarom hij iets moet terugleggen, bijvoorbeeld dat zijn speelgoed binnen blijft als jullie de deur uit gaan. Zo gaat de ‘onderhandeling’ op een veel redelijkere manier dan wanneer je iets zonder uitleg afpakt.
  • Geeft of legt je baby het voorwerp zelf terug, beloon hem dan daarvoor!
  • Leid je kindje af met wat anders: geef hem iets aan waarmee hij wél mag spelen.
  • Geef zelf het goede voorbeeld. Je baby leert onder andere door zijn opvoeders te imiteren. Als jullie stampvoetend door het huis lopen, met dingen gooien en met deuren smijten, dan hebben jullie binnen no time een derde driftkikker rondlopen.
  • Wees consequent met wat wel en niet mag. Zeg je de ene keer ‘nee’, zeg het dan de andere keer dan ook. Zo weet je kleintje waar hij aan toe is.
  • Bedenk dat je geen slechte ouder bent als je baby af en toe boos wordt omdat hij iets niet mag. Je kindje is in deze periode aan het leren dat hij niet altijd zijn zin kan krijgen. En uiteindelijk help je hem, want zo leert hij ook hoe hij met zijn emoties om kan gaan.