Blog
the power of pink

Een zwangere collega vertelde me dat zij en haar vrouw hun kindje genderneutraal wilden opvoeden. Dat ze zelfs nadachten om in plaats van ‘hij’ of ‘zij’ het neutrale ‘het’ te gebruiken. (Volgens mij vonden ze dat uiteindelijk toch te extreem). Ze vroeg me of ik er wel eens over nadacht, of er wat mee deed, in de opvoeding van mijn dochter.

Ik zei enthousiast ja. Vertelde dat ik qua kleding niet altijd voor roze ging. Dat ze autootjes kreeg. En dat ik op genderstereotypen in boekjes lette. Ik voelde me een bewuste moeder. Dat voelde goed!

Het Grote Roze Glitter Prinsessenboek

Die avond kwam ik thuis. Nadat ik een roze glittersticker vanonder mijn sok trok, vroeg ik mijn dochter haar roze Duplo kasteel op te ruimen, omdat het etenstijd was (dit deed ze natuurlijk niet, maar goed). Later las ik haar voor uit het Grote Roze Glitter Prinsessenboek. (Waarin de prinses verdrietig is, tot ze haar prins vindt. En hij haar een mooie jurk geeft. Met een glitterkroontje). Voor ik naar bed ging, appte mijn schoonzusje een afbeelding: was dit de juiste Elsa-jurk voor mijn dochters verjaardag?

Oké, het gender neutrale pad zijn we wat kwijtgeraakt. Tussen theorie en praktijk zit… een echt kind opvoeden. Toen ze 1 was droeg ze een boyish spijkerjack en kreeg ze houten blokken met kerst. Maar nu is het zeemeerminnen voor en elfjes na. Het witte dekbed mag het bed niet eens op. De roze met sterren wel. En ze huilt best vaak, dat haar jurken te kort zijn (in de films komen ze tot op de grond…).

De kracht van hokjes

Ja, ze kijkt films. Van Disney. Ja, ze komt in winkels. Ja, ze leeft niet onder een steen en ja, ik had beter m’n best kunnen doen als ik het echt had gewild. Maar het is nogal een groot ding. De hele commercie, en daarmee onze wereld, draait om het plaatsen van mensen en dingen in hokjes. En man/vrouw is daar een hele grote in. Hoe kan je daar als opvoeder tegenin gaan?

Ik roep als goedmakertje dus maar te pas en te onpas ‘DAT KAN OOK!’ Een jongen met nagellak. Een stoere politieagente. Twee mama’s met een kindje. Een meisjesbaby met blauwe kleren (jongensbabies met roze kleren zijn moeilijker te vinden). Dat kan ook, dat kan ook, dat kan ook!

Ik hoop dat het ergens aan vastkleeft, in dat kleine glitterbreintje van ‘r. Dat ze zichzelf kan zijn. Dat ze anders mag zijn. Dat ze niet gelooft wat reclames dicteren. Dat ze vragen stelt. Want de kracht van de hokjes is groot. Dat wat moet, dat wat hoort. Hokjes maken het leven en de mensen lekker duidelijk. Terwijl het dat helemaal niet is. Het leven en de mensen zijn bijna nooit duidelijk, nooit zwart-wit. Alles is vaak een groot grijs gebied eigenlijk.

Maar een grijze glitterjurk glittert toch wat minder mooi natuurlijk.