Blog
Zwangere vrouw in de bus

Zodra ik iemand spreek over een zwangere vrouw in de bus, zegt diegene steevast: 'Ik sta op voor zwangere vrouwen en ouderen in het openbaar vervoer'. Hoe kan het dan dat ik ALTIJD moet vragen of ik mag zitten?

Eigenlijk zag ik het probleem nooit zo. Ik ben zwanger, niet gehandicapt. Ik kan prima staan. Tot ik met mijn moeder van 62 in een bus zat die een noodstop maakte. Hadden we beiden gestaan, dan waren we met mijn babybuik en mijn moeders broze benen door de bus gevlogen. Sindsdien vraag ik om een zitplaats. Voor die ander een risico op een blauwe knie, voor mij op z’n minst een tripje naar het ziekenhuis.

Met je hand op je buik

Buiten Amsterdam gaat het makkelijk. Sommigen staan zelfs uit zichzelf op. Dat scheelt weer een portie moed bij elkaar verzamelen. Vaak heb je gewoon geen zin om iemand aan te spreken, zeker sinds mijn hormoonhuishouding gekke dingen doet. Ik merkte al vrij snel dat zoekend de tram of bus in lopen al erg goed werkt. Zeker in combinatie met oogcontact maken terwijl je je hand op je buik houdt.

In de grote stad of in de trein kan je het vergeten. Iedereen zit zo diep in zijn mobiel of eigen individu geklommen, dat ze niet eens door hebben dat je bestaat. Om over de vele toeristen, die sowieso weinig van het OV begrijpen, maar te zwijgen. Daar vraag ik het niet eens aan.

In de tram

‘Of ik alsjeblieft mag zitten, ik ben zwanger ziet u’, en mijn al behoorlijk zichtbare buik onder mijn expres opengeritste jas steek ik nog verder zijn gezichtsveld in. Zonder iets te zeggen staat hij zuchtend op. ‘Dank je wel hoor!’, roep ik nog na. Niet veel later trapt de tramconducteur op de rem en ik word diep de stoel in geduwd. De man krijgt een kinderwagen tegen zich aan en ik? Ik glimlach en wrijf nog eens over mijn buikje. Omdat het kan.